Ik ben de beroerdste niet

Ik gooi een kruidnoot naar mijn vader, hij zit in zijn stoel voor de tv. De kruidnoot komt achter hem terecht, op de grond. Hij draait zich om en kijkt over de leuning om te zien waar hij is gevallen. Ik gooi er nog een. De kruidnoot landt precies in een openstaand spleetje van zijn overhemd, tussen twee knopen in. Mijn vader geeft geen reactie maar–het lijkt wel alsof ik een euro in een spaarpot gooi! Van bijna drie meter afstand! I am so LUCKY!

Op het witte strand

Ik loop de zee in, de zon schijnt vurig.

Ik duik en zwem een stuk. Onderwater zwemmen in de zee is verschrikkelijk als je geen duikbril hebt, maar het voelt als een lekker mysterieus Brigitte Bardot-achtig iets om te doen. Mijn lange haar zweeft achter mij aan. Ik kom weer boven en zwem richting de vloedlijn tot het stuk waar ik met mijn voeten bij de bodem kan. Ik loop langzaam naar het land. Als ik vanaf mijn navel boven water ben voel ik dat de zon de druppels op mijn schouders laat verdampen. ‘Is dat niet een beetje snel’ denk ik nog, maar het blijkt van niet. Mijn haar druipt via mijn rug mijn zwembroek in en ik loop het strand op.

Ik ga op mijn rug in het zand liggen, als een zeester. God weet dat dit mijn lievelingsbezigheid is. Je verschijnt op het strand. Je zag me al vanuit de struiken toen ik nog in zee was. Je loopt naar me toe en kijkt op me neer. Ik zie er niet onaardig uit in mijn groene bikini die ik bij COS aan de Karel Doormanstraat heb gekocht in een oud vervelend vervlogen tijdperk. In volledig natuurlijke staat ben ik niet want dan zou ik geen wenkbrauwen hebben, maar die heb ik vanochtend even bijgetekend met een waterproof potloodje. Vrouwen zijn echt valse berekenende trutten weet je dat. Ik in ieder geval wel.

Reïncarnatie

Ik denk weleens dat ik de reïncarnatie van een Griekse godheid ben. Dit gedachtegoed is niet uit de lucht komen vallen, maar is gegroeid in een tijdsspanne van ongeveer een jaar.

Ik ben een keer naar een verkleedfeest gegaan als Artemis, de godin van de jacht. Ik had een witte japon gemaakt, een pijl en boog, en op mijn schouder had ik een met vilt bedekte plastic eekhoorn bevestigd – ik vond het typisch iets voor Artemis om met een eekhoorn op de schouder rond te lopen. Ik droeg de leren touwtjessandalen van mijn zus, die dansen uitsloten, hoewel de eekhoorn, pijl en boog en bladertakken in mijn haar me ook enigszins hinderden.

Een tweede reden voor het denken dat ik een Griekse godheid ben geweest in een vorig leven is dat ik een rok met verticale strepen heb. Die strepen lijken op cannelures, smalle pilaargroeven, die de Grieken in hun decoratieve repertoire opnamen omdat ze zich lieten inspireren door bossen samengebonden rietstengels. Deze rok heeft een split aan de voorkant waar je u tegen kunt zeggen, fietsen is onaangenaam met deze rok.

Het laatste argument dat ik wil aandragen is dat ik kortgeleden een pepermolentje op een tafel in een restaurant zag staan, de pepermolen was van het merk ‘Apollo’. Het aantreffen van een voorwerp met een dergelijke naam maakt voor mij elk tegenargument verwaarloosbaar, alleen de alwetende kosmos is zo briljant en doortastend om mij deze knipoog van bevestiging te schenken.

Ik heb veel te veel cruesli gegeten

Ik heb nieuwe blush gekocht bij de Kruidvat vanmiddag. Het zit in een roze kartonnen doosje in de vorm van een hart. Het is van het merk ‘I love make-up’ en het heet ‘Blushing Hearts Triple Baked Blusher’, in de kleur Candy, Queen of Hearts. Het is wel erg roze. Ik ben vanavond bij mijn ouders en heb het voor de spiegel in de bijkeuken opgedaan met mijn vingers. Ik loop naar mijn vader die druk in de weer is met fruitschillen in het schillenbakje doen. ‘Kijk pap’ zeg ik en ik hou mijn roze wangen zo dichtbij dat hij genoodzaakt is om iets te zeggen. ‘Prachtig’ zegt hij met een gezicht alsof hij het wel grappig vindt, maar ook wel erg roze en dat hij niet begrijpt waarom iemand zulke felroze wangen zou willen hebben, maar ik kan het uitleggen: altijd als ik heel hard eiwitten of slagroom opklop en daarna in de spiegel kijk zie ik er zo gezond uit en de kleur die ik dan heb is onmiskenbaar ROZE, niet de kleur van de rouge die ik altijd gebruik, die is NIET GOED, het moet ROZE zijn, ik wil er gezond uitzien alsof ik hard heb gerend of op volle snelheid taart heb staan maken, of dat ik een knappe jongen heb uitgenodigd bij een voordrachtavond en dat hij ook echt opdaagt en ik dan terwijl we bij de felverlichte bar staan iets heel doms zeg dat nergens op slaat, ZO wil ik eruitzien!